Terugblik op Rio – Laura de Vaan
Zoals jullie wellicht weten sponseren wij Paralympisch kampioene Laura de Vaan al geruime tijd. Zij houdt ons regelmatig op de hoogte van haar vorderingen. Tijdens de Olympische spelen in Rio hebben wij haar prestaties gedeeld op onze facebook pagina en website, vandaag willen wij met jullie het eerste deel van haar terugblik op Rio delen.

“De eerste twee maanden van 2017 zijn alweer voorbij. Toch neem ik nog even de tijd om terug te kijken op 2016. Ik had voor 2016 twee doelen. Eén daarvan was deelname aan en presteren op de Paralympische Spelen. Ik mag zeggen dat ik in dat doel ben geslaagd. Ik heb weliswaar geen gouden medaille gewonnen, ik ben wel met twee plakken naar Nederland teruggekeerd. Zilver op de weg en brons in de tijdrit bleken het maximaal haalbare. En als je zelf weet dat je nergens iets hebt laten liggen dan moet je tevreden zijn met het resultaat. En dat ben ik. Vanaf het moment dat ik de streep passeerde tot nu is het gevoel positief geweest. Ik werd in de sprint ruim verslagen en versloeg zelf met een vergelijkbare afstand de nummer 3 en 4. In de tijdrit was het verschil met de nummer 2 meer dan een halve minuut, het verschil met de nummer 1 was zelfs meer dan een minuut. Ik moet toegeven dat ze gewoon beter waren. Het verschil met de nummer 4 was 12 seconden. Bij het passeren van de finishlijn wist ik het resultaat. Ik was in de tijdrit als regerend wereldkampioene als laatste van start gegaan.”

“Heel het jaar 2016 heeft in het teken gestaan van de Paralympische spelen. Hierboven heb ik al kort het resultaat weergegeven. Ik wil u ook nog even meenemen naar Rio en mijn belevenissen daar.”

“Eind augustus reis ik met een drietal andere handbikers en de coach naar Rio Maior in Portugal. Hier vindt ons laatste voorbereidende trainingskamp plaats voor we naar Rio de Janeiro zullen vliegen. In mei ben ik al in Rio Maior geweest om de trainingsmogelijkheden te verkennen. Ik weet waar we kunnen trainen en welke oefeningen ik wel en niet in de krachtruimte kan doen. Mijn schema is daarop aangepast zodat ik niet ter plekke hoef te improviseren. Ik wil dit trainingskamp optimaal kunnen trainen om nergens iets te laten liggen. De omstandigheden in Rio Maior blijken, zeker achteraf gezien, ideaal. De accommodatie is ingesteld op topsporters en het weer is goed. De laatste dagen is het erg warm, maar ook in Rio de Janeiro zou het warm blijken te zijn.”

“Op de dag van de opening arriveer ik in Rio de Janeiro. De opening kan ik niet bijwonen. Ik installeer me op mijn kamer en zie iets van de opening op de televisie. Veel is het niet. Na een lange dag reizen ben ik moe en zoek ik op tijd, maar ook weer niet te vroeg, mijn bed op. De volgende dag gaan we naar het parcours waar we eerst de fietsen in elkaar zetten voordat we gaan trainen. Het wordt een rustige training. We hebben tenslotte ook nog een jetlag te verwerken. Het is dan donderdag en het duurt nog tot woensdag voor ik begin aan mijn wedstrijden. Op woensdag staat de tijdrit op het programma, een dag later de wegwedstrijd.”

“In de dagen voorafgaand aan de wedstrijden train ik nog, veelal op het parcours. Dat is op dat moment niet afgesloten en we rijden tussen het gewone verkeer. Alleen de dag voor de tijdrit kunnen we op een afgesloten parcours trainen. Van die gelegenheid maak ik natuurlijk gebruik. Ik kan dan ook de bochten rijden en verkennen. De keerpunten zijn nog best lastig. Deels rijd ik daar over kinderkopjes wat de snelheid er aardig uithaalt. Dat moet ik tijdens de tijdrit beter doen.”

“En dan is mijn eerste wedstrijddag aangebroken. Op tijd gaan we richting het parcours om een goede plek te bemachtigen om warm te rijden. De plek hebben we daags van tevoren al uitgezocht, maar we moeten natuurlijk kijken of de plekken nog vrij zijn. Dat blijkt het geval. Ik zet mijn fiets er neer en zorg ervoor dat ik kan gaan warmrijden. Bij het warmrijden blijkt de tacx waarop ik sta het niet goed te doen. Ook wil mijn ketting niet op het grote blad. En dat terwijl gisteren alles nog prima werkte. Uiteindelijk lukt het mij mijn ketting op het grote blad te leggen. Ik hoef in de wedstrijd niet naar het kleine blad, dus dat zal wel goed komen. De tacx krijgen we niet aan de praat en op het allerlaatste moment besluit ik op de weg te gaan warm rijden, een andere optie is er niet. Ik doe het normaal nooit, maar toevallig heb ik het bij het NK tijdrijden ook gedaan. Ik raak niet in paniek en doe op de weg wat ik anders op de tacx zou hebben gedaan. De coach wacht op me bij de ingang van het park. Op het laatste moment ga ik naar de start. Mijn fiets komt zonder problemen door de keuring en ik kan me opstellen. Ik probeer zo lang mogelijk in de schaduw te blijven staan. De coach blijft zo lang mogelijk bij me maar dan moet hij naar de volgauto. Nog even en ik mag van start. Alle dames starten voor mij, ik mag als laatste vertrekken, het recht van de regerend wereldkampioene. Ik probeer mijn wedstrijd goed in te delen en niet te hard van start te gaan, 20 kilometer is ver. En ik weet dat ik kilometer 5 tot 10 en kilometer 15 tot 20 wind tegen zal hebben. Mijn energie zal ik dus nog hard genoeg nodig hebben. De eerste kilometers gaan vrij makkelijk en ik moet me dan ook inhouden. Maar nu te veel geven, zou betekenen dat ik op het einde te kort kom.”

“En dan ben ik bij het eerste keerpunt, de eerste 5 kilometer zitten erop. De bocht gaat niet vlekkeloos maar ik trek mijn fiets weer op gang en begin aan het eerste stuk wind tegen. En dan voel ik waarom de eerste 5 kilometer zo makkelijk gingen. Het waait flink en die wind heb ik nu tegen. Het lijkt eindeloos te duren voor ik weer bij het keerpunt ben. Daar eenmaal aangekomen heb ik weer de wind in de rug. Mijn snelheid ligt ruim boven de 40 kilometer per uur. En dan ben ik bij het volgende keerpunt. De kilometers die nu volgen, zullen de zwaarste van de wedstrijd zijn, en wel om twee redenen. Het zijn de laatste kilometers van de tijdrit, die zijn altijd zwaar, en deze laatste kilometers zijn ook nog eens wind tegen. Poeh, dat valt niet mee. Ik probeer mijn wattage zo constant mogelijk te houden, in de buurt van de waarde die ik kan rijden in een tijdrit.”

“En dan is daar toch eindelijk de finish. Op 50 meter voor de finish zie ik dat goud en zilver er niet meer in zitten, ik zie ook dat ik nog strijd om het brons. Ik heb op dat moment nog 15 seconde om de finishlijn te passeren, dan zal het brons voor mij zijn. Ik red het, ik heb een voorsprong van 12 seconde op de nummer 4. Ik ben blij met het resultaat. Ik ging van start voor het goud, maar ik wist ook dat ik net zo goed naast het podium zou kunnen eindigen. In dit veld een bronzen medaille halen, is een prestatie waar ik tevreden mee kan zijn.”

“Na de wedstrijd is het uitrijden, droge kleren aan en naar de huldiging. Daar moet ik op tijd zijn. Ik weet een paraplu te bemachtigen tegen de zon. Het is warm, ook al is het winter in Rio. Maar bij winter in Rio moet u zich geen Nederlandse winter voorstellen. Over het algemeen wordt het ook in de winter niet kouder dan 15 graden. De huldiging laat lang op zich wachten en ik had best nog wat langer kunnen uitfietsen. Niets meer aan te doen, en ook de andere medaillewinnaars zitten al te wachten. Maar dan is het zover en mogen we naar het podium. Ik geniet van het moment en ondanks een strakke tijdsplanning voor de huldiging nemen we de tijd om van ons moment van euforie te genieten. Daar hebben we al die jaren naar toe gewerkt.”

“Dan is het snel naar het busje dat ons komt halen om ons weer naar het dorp te brengen.  De andere handbikers zitten al te wachten. Morgen mogen we allemaal weer aan de bak. Dan staat de wegwedstrijd op het programma. Nu is het dus zaak goed te eten en te rusten. Dat rusten valt nog niet mee. De resultaten zijn ook in Nederland doorgedrongen en ik krijg veel reacties. Het is een bewuste keuze dit alles bij mij binnen te laten komen. Uit ervaring weet ik dat deze reacties mij helpen bij het omschakelen naar de wedstrijd van morgen. Dat klinkt wellicht tegenstrijdig. Het is genieten van het moment en tegelijkertijd bezig zijn met de wedstrijd van morgen. Ik zorg dat mijn spullen klaar liggen voor morgen en dat ik ook voldoende rust neem. De berichtenstroom uit Nederland stopt ook tijdig, het is daar tenslotte vijf uur later dan in Rio.”

Tot zover het eerste deel van het verslag van Laura, hou onze website en facebookpagina volgende week in de gaten voor deel 2 van haar terugblik op Rio!

contact

contact

contact

kontakt

Laura de Vaan - O4 Wheelchairs - Handbike - Rolstoel